Coronavirus (COVID-19)

Evolutie coronagevallen

Op vrijdag 3 april – 9.00 zijn 55 patiënten met bevestigde Corona-besmetting opgenomen in AZ Sint-Maarten, waarvan 11 op intensieve zorg en 7 beademd. 15 patiënten werden de afgelopen week ontslagen.

We betreurden de afgelopen week 4 overlijdens. Het betreffen patiënten op oudere leeftijd met naast de diagnose van een COVID-19-besmetting ook andere aandoeningen.

Achter de schermen van de COVID-eenheid V280 - Interview met dr. Muriel Lins (pneumologie)

Op vraag van de overheid bereidde ook AZ Sint-Maarten zich voor op de opvang en behandeling van met het corona (COVID-19) besmette personen. Dit gebeurt o.a. op de zogenaamde cohort- of COVID-afdeling: een verpleegeenheid, afgescheiden van andere verpleegeenheden, die gespecialiseerd is in het coronavirus (COVID-19).

Dr. Lins: “AZ Sint-Maarten kan vandaag zonder problemen kwaliteitsvolle zorg waarborgen op deze cohort-eenheid.” Twee COVID-eenheden met in totaal 48 bedden zijn in gebruik. Een derde eenheid staat klaar om in gebruik te nemen wanneer het nodig is.

Gestroomlijnd team

Elke dag start op V280 met een briefingmoment. Artsen, hoofdverpleegkundige, verpleegkundigen, de sociale dienst en twee administratieve personen overlopen daarbij de evolutie van de laatste 24 uren. “Het is hard werken. Maar de samenwerking binnen het team verloopt erg gestroomlijnd. Iedereen is gemotiveerd. Dit straalt rust uit voor het team én de patiënt.”

Handhygiëne en gebruik van persoonlijk beschermingsmateriaal worden strikt gevolgd. Het draagt er ongetwijfeld toe bij dat tot nu toe slechts één medewerker positief getest werd op de COVID-eenheid.

Opnieuw in de tuin

Patiënten die opgenomen worden op de cohort-eenheid vertonen symptomen zoals koorts, kortademigheid, een beklemmend gevoel op de borst en vaak een zeer uitgesproken vermoeidheid. Dr. Muriel Lins: “Ze zijn vaak zodanig uitgeput dat ze zichzelf niet meer kunnen behelpen. Uitzonderlijk krijgen we een patiënt binnen omwille van sociale factoren. Bijvoorbeeld een negentigjarige die alleen woont en die we toch opnemen omdat er niemand in de buurt is wanneer de ziekte harder zou toeslaan.”

Patiënten verblijven hier minimum vier dagen. De ziektesymptomen worden zo goed mogelijk behandeld met o.a. medicatie. De meesten krijgen een zuurstofbril (via de neus) of een zuurstofmasker. Dagelijks meten we verscheidene keren per dag hun zuurstofgehalte en bloeddruk. De meer ernstige patiënten op de COVID-afdeling volgen we 24 op 24 uur op door middel van een monitoringsysteem met een continue saturatiemeting waarbij eveneens het hartritme gevolgd wordt. Ook kinesisten komen er dagelijks langs. Voor ademhalingskine enerzijds maar anderzijds ook om oefeningen verder te zetten bij patiënten die bijvoorbeeld in revalidatie zitten na een heupoperatie.

anneer ze geen nood meer hebben aan zuurstof en koortsvrij zijn, worden patiënten ontslagen. “Tegen nieuwe patiënten zeggen we vaak: je bent de derde die in dit bed ligt, de vorige twee patiënten zitten nu al opnieuw in hun tuin of op hun terras,” vult dr. Lins aan. “Het geeft patiënten moed.”

Nog net iets meer aandacht voor de patiënt

“Patiënten die hier toekomen zijn bang. Net als hun naasten en familie. Dit proberen we zo goed mogelijk op te vangen.”

Na het briefingmoment ’s morgens krijgt de naaste van elke patiënt een telefonische update. Dit wordt sterk geapprecieerd door het thuisfront.

Vanaf volgende week worden patiënten die dit zelf niet kunnen ook geholpen om telefonisch of via skype met hun naasten en familie contact te onderhouden.

Eén van de verzorgenden heeft het initiatief genomen om een koffietoer te starten. Dit komt niet vaak meer voor in ziekenhuizen. Dat ze een extra kopje koffie met vaak een lekker koekje krijgen, weten de patiënten op de COVID-afdeling enorm te appreciëren. Ze kijken er elke namiddag naar uit. Het is weer een moment voor een babbeltje. “Al onze medewerkers, van verpleegkundigen, over verzorgenden tot de schoonmaak, voelen zeer goed aan wanneer een patiënt nood heeft aan een babbel en maken er tijd voor. Als arts is het fijn om met zo’n team te kunnen samenwerken.”